Robert Hoozee / De Watzmann

 

 

De Watzmann is het bekendste gebergte uit de Duitse romantiek. Volgens een legende gaat het om een versteende koning Watz en zijn familie en de verschillende toppen worden aangeduid als de Grote Watz, de Watzfrau en de Watzkinder.

Casper David Friedrich zag het Alpengebergte nooit zelf maar gebruikte een aquarel van een van zijn leerlingen. De rotsformaties op de voorgrond had hij op andere locaties wel zelf in gedetailleerde tekeningen vastgelegd. De topografische nauwkeurigheid combineerde hij met een typisch romantische enscenering. De grillige rotsen vooraan, met afgronden links en rechts, vormen een dramatische inleiding op de bergtoppen. De spanning tussen dalende en stijgende krachten op de voorgrond leidt tot een symbool van rust en eeuwigheid op de achtergrond. Een prototype dus van visionaire, religieus geïnspireerde landschapschilderkunst. Dit zwaar met betekenissen beladen schilderij ondergaat de proefnemingen van Stijn Cole. Zonder het werk zelf gezien te hebben kopieert hij het schilderij op ware grootte in een zwart wit tekening, niet onder de vorm van een schets maar als exacte transcriptie van het topografische detail. De korrel in het grote papier maakt het moeilijk om het detail en de diepste tonen van het schilderij te evenaren. Deze kopie confronteert hij met een geschilderde kleuranalyse op basis van een kleurreproductie. In beide gevallen is er een afstand tegenover de werkelijkheid: de kopie is gemaakt naar een foto en de kleuranalyse is gesteund op de vermoedelijk afwijkende kleuren van de reproductie. Tekening en kleur zijn in het werk van Friedrich evenwaardige componenten van het schilderij. In de romantiek is dat eerder uitzonderlijk omdat die meestal picturaal is. Stijn Cole zoekt zijn weg in de gelaagdheid van het schilderij. Aan de ene kant maakt hij een noodzakelijk onvolmaakte zwart wit kopie, die doet denken aan de reproductiegrafiek uit de 19de eeuw en aan het kopiëren naar gravures zoals dat in de academies van de 18de en de 19de eeuw gebruikelijk was. Hier kijkt hij naar het verleden en vervoegt hij de vele historische manipulaties van Friedrichs beeld uit het verleden. Aan de andere kant zoekt hij in het schilderij naar de samenstelling van Friedrichs kleurengamma in een analyse die doet denken aan de materiaaltechnische analyses waaraan men tegenwoordige meer en meer oude meesterwerken onderwerpt. Deze analyse is op haar beurt aanleiding tot een picturale omzetting op het doek. Het geschilderde doek is vierkant, alleen de hoogte wordt bepaald door het originele formaat van het schilderij.

Stijn Cole slaagt erin om een systeem te bedenken en te ontwikkelen dat heldere, bijna simpele resultaten oplevert maar waarin een complex geheel schuilt van bedenkingen en relaties. Het uitgangspunt lijkt toevallig en vrijblijvend: de keuze van Friedrich, van het werk, van de reproductietechniek en de afgeleide producten. De werkwijze is echter systematisch. De Grote Watzman is het laatste en het grootste in een reeks kopieën en analyses waarin de kunstenaar verschillende werken van Friedrich interpreteerde. Dit project kadert bovendien in een grotere reeks onderzoekingen naar de componenten van de natuurweergave, naar de omstandigheden die onze waarneming beïnvloeden en naar de grafische en picturale mogelijkheden die door zo’n onderzoek geboden worden. Onder de afstandelijkheid van het procédé van Stijn Cole gaat een grote belangstelling voor de oude landschapschilderkunst schuil samen met een persoonlijk natuurgevoel – een gevoel waar men vandaag de dag zelden aan toegeeft. De mix van wetenschappelijk geïnspireerd experiment en emotionele inleving deelt hij met de romantische schilders uit de tijd van Friedrich zelf. In zijn werkmethode schijnt Stijn Cole de emotionele natuurervaring uit de hand te geven aan externe factoren die hij samenbrengt en aan de logica van het experiment. Maar het is emotie niettemin, in de kunst- en natuurervaring en in de vreugde van het tekenen en het schilderen.

 

Robert HOOZEE

 

   Stijn Cole

 

WORKS    EXPO'S   TEXTS     PRESS    BIO    CONTACT

 

Robert Hoozee / De Watzmann

 

 

De Watzmann is het bekendste gebergte uit de Duitse romantiek. Volgens een legende gaat het om een versteende koning Watz en zijn familie en de verschillende toppen worden aangeduid als de Grote Watz, de Watzfrau en de Watzkinder.

Casper David Friedrich zag het Alpengebergte nooit zelf maar gebruikte een aquarel van een van zijn leerlingen. De rotsformaties op de voorgrond had hij op andere locaties wel zelf in gedetailleerde tekeningen vastgelegd. De topografische nauwkeurigheid combineerde hij met een typisch romantische enscenering. De grillige rotsen vooraan, met afgronden links en rechts, vormen een dramatische inleiding op de bergtoppen. De spanning tussen dalende en stijgende krachten op de voorgrond leidt tot een symbool van rust en eeuwigheid op de achtergrond. Een prototype dus van visionaire, religieus geïnspireerde landschapschilderkunst. Dit zwaar met betekenissen beladen schilderij ondergaat de proefnemingen van Stijn Cole. Zonder het werk zelf gezien te hebben kopieert hij het schilderij op ware grootte in een zwart wit tekening, niet onder de vorm van een schets maar als exacte transcriptie van het topografische detail. De korrel in het grote papier maakt het moeilijk om het detail en de diepste tonen van het schilderij te evenaren. Deze kopie confronteert hij met een geschilderde kleuranalyse op basis van een kleurreproductie. In beide gevallen is er een afstand tegenover de werkelijkheid: de kopie is gemaakt naar een foto en de kleuranalyse is gesteund op de vermoedelijk afwijkende kleuren van de reproductie. Tekening en kleur zijn in het werk van Friedrich evenwaardige componenten van het schilderij. In de romantiek is dat eerder uitzonderlijk omdat die meestal picturaal is. Stijn Cole zoekt zijn weg in de gelaagdheid van het schilderij. Aan de ene kant maakt hij een noodzakelijk onvolmaakte zwart wit kopie, die doet denken aan de reproductiegrafiek uit de 19de eeuw en aan het kopiëren naar gravures zoals dat in de academies van de 18de en de 19de eeuw gebruikelijk was. Hier kijkt hij naar het verleden en vervoegt hij de vele historische manipulaties van Friedrichs beeld uit het verleden. Aan de andere kant zoekt hij in het schilderij naar de samenstelling van Friedrichs kleurengamma in een analyse die doet denken aan de materiaaltechnische analyses waaraan men tegenwoordige meer en meer oude meesterwerken onderwerpt. Deze analyse is op haar beurt aanleiding tot een picturale omzetting op het doek. Het geschilderde doek is vierkant, alleen de hoogte wordt bepaald door het originele formaat van het schilderij.

Stijn Cole slaagt erin om een systeem te bedenken en te ontwikkelen dat heldere, bijna simpele resultaten oplevert maar waarin een complex geheel schuilt van bedenkingen en relaties. Het uitgangspunt lijkt toevallig en vrijblijvend: de keuze van Friedrich, van het werk, van de reproductietechniek en de afgeleide producten. De werkwijze is echter systematisch. De Grote Watzman is het laatste en het grootste in een reeks kopieën en analyses waarin de kunstenaar verschillende werken van Friedrich interpreteerde. Dit project kadert bovendien in een grotere reeks onderzoekingen naar de componenten van de natuurweergave, naar de omstandigheden die onze waarneming beïnvloeden en naar de grafische en picturale mogelijkheden die door zo’n onderzoek geboden worden. Onder de afstandelijkheid van het procédé van Stijn Cole gaat een grote belangstelling voor de oude landschapschilderkunst schuil samen met een persoonlijk natuurgevoel – een gevoel waar men vandaag de dag zelden aan toegeeft. De mix van wetenschappelijk geïnspireerd experiment en emotionele inleving deelt hij met de romantische schilders uit de tijd van Friedrich zelf. In zijn werkmethode schijnt Stijn Cole de emotionele natuurervaring uit de hand te geven aan externe factoren die hij samenbrengt en aan de logica van het experiment. Maar het is emotie niettemin, in de kunst- en natuurervaring en in de vreugde van het tekenen en het schilderen.

 

Robert HOOZEE